Een strak en gezond gazon begint bij de juiste basis: de ondergrond. De kwaliteit van de bodem onder je graszoden bepaalt of je gras goed zal wortelen, voldoende voeding krijgt en egaal zal groeien. De juiste voorbereiding voorkomt onkruid, verzakkingen en kale plekken op de langere termijn.
Wat moet je onder graszoden leggen?
Voordat je graszoden uitrolt, is het belangrijk om de ondergrond op te bouwen in lagen:
- Verwijder bestaande begroeiing
Verwijder eerst al het oude gras, onkruid en andere begroeiing. Dit kan met een spade of met een graszodensnijder voor grotere oppervlakken. Ook wortels van onkruid moeten grondig worden weggehaald om hergroei te voorkomen. - Verbeter eventueel de bodem
Heeft je tuin zware kleigrond? Meng dan extra zand onder om de structuur luchtiger te maken. Bij zeer zanderige grond kun je juist compost of een bodemverbeteraar zoals DCM Vivimus toevoegen om vocht en voeding beter vast te houden.
Bemesting en bodemactiviteit
Strooi een basisbemesting zoals aanlegmest van Forever Green Pro over de ondergrond. Dit geeft een goede startboost voor wortelgroei en stimuleert bodemleven. Een gezond bodemleven zorgt voor een natuurlijk evenwicht.
Checklist: ondergrond voorbereiden in 4 stappen
- Verwijder oud gras en onkruid
- Breng voedzame teelaarde aan
- Meng bodemverbeteraars indien nodig
- Strooi een basisbemesting in
Tot slot: timing en rusttijd
Nadat de ondergrond is voorbereid, laat je deze het liefst 1 à 2 dagen rusten. Hierdoor kan de grond iets inklinken. Controleer opnieuw of alles vlak ligt, werk oneffenheden bij, en dan ben je klaar om de graszoden uit te rollen.
Wil je meteen verder? Zorg er dan voor dat je weet hoe je graszoden legt en ze na het leggen goed aandrukt en veelvuldig sproeit in de eerste weken. Zo hechten de zoden zich optimaal aan de bodem.

